roos foto venings

Het leven als leerschool

Gisteravond zat ik in de trein. Toen ik overstapte van Den Haag HS op een trein die naar Leiden Centraal ging, overviel met de drukte in de treincoupés. ‘Blijkbaar een uitgaansavond’, dacht ik toen ik het lawaai en gelal hoorde toen ik de coupé beneden in wilde lopen. Tijdens het wachten op het perron had ik geschreven. Ik wilde daarmee verder. Nog voor dat ik naar binnen ging, maakte ik rechtsomkeert en ging ik naar de bovenste coupé in de hoop daar rust te vinden. Ik vond het tegenovergestelde.

Ik zag een groep van zes jongens verspreid over de eerste acht zitplaatsen links en rechts. De daarop volgende vier zitplaatsen waren links bezet door vier meiden. Rechts was leeg en daar ging ik zitten. Het waren twee verschillende groepen. De jongens luid met halve liters bier. Zoekend naar aanspraak met de vier meiden. De meiden luidruchtig en lachend met elkaar, de groep aandachtvragende jongens negerend. Na een fractie van teleurstelling vanwege het ontbreken van rust, overviel mij plotseling het gevoel van compassie.

Ik zag mijzelf. Mijzelf van een jaar of tien geleden. Het meisje met het extreem korte rokje of je zou het ook een ‘wat langer t-shirtje’ kunnen noemen, begeurde met haar Dove-spuitdeodorant de volledige coupé. En terwijl ik een blik van grote irritatie zag bij mijn overbuurvrouw, overviel mij een innerlijk gevoel van blijdschap, langzaam ervarend hoe de deo op mijn keel sloeg.

Wat voelde ik opeens diepe dankbaarheid voor waar ik nu sta. Ik zag het contrast en ik wist dat ik dit enkel zo waardeerde omdat ik exact geweest ben wat deze jonge mensen uitstraalden. Ik wist opeens weer hoe het was. Om ’s avonds laat verwachtingsvol in de trein te zitten, met drank en een hoop uiterlijke bombarie. Vanbinnen verlangend naar ‘iets’ gecombineerd met de hoopvolle verwachting het in de nacht te gaan vinden.

Ieder gevoel van irritatie was verdwenen. Deze mensen konden mij alles maken. En toen de conducteur op een gegeven moment langsraasde en enkel de woorden: ‘Voeten van de bank’, sprak, zuchtte ik mee met het groepje meiden naast me.

Toen we aankwamen op Leiden Centraal en een jongen met gipspoot en een halve liter in zijn hand de deur voor mij openhield, voelde ik iets van vertedering in mijn lijf. Er zat geen greintje kwaad in deze op stap zijnde zielen. Het waren enkel verlangens die in hen huisden.

Terwijl ik over het perron naar beneden liep, voelde ik iets van euforie bij de gedachten aan mijn toch wel wat bewogen leven. Ik besefte plots hoe makkelijk het inmiddels voor me was om compassie te hebben. Ik kon me bijna niet voorstellen dat er mensen zouden zijn waarin ik niet iets van mijzelf zou herkennen. Ik doorzag dat mijn leven een leerschool was geweest om mij uiteindelijk met iedereen te kunnen verbinden.

Wat heb ik zin om te ontdekken wat het leven mij verder allemaal op mijn pad gaat brengen.

Leuk dat je meeleest over mijn ontdekkingstocht. Heb je zin om een keer met mij te sparren over jouw leven? Dat kan en dat lijkt me erg leuk.

Deze ga ik delen!

Een gedachte over “Het leven als leerschool

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *